Van eenduidig hard naar subtiel en veelzijdig

17 augustus, 2010

Sieraden van amber

Er komt een grote vrouw binnen, met warm, honingblond geverfd haar. Ze draagt een spijkerbroek en een zwart t-shirt. Ze heeft een leidinggevende functie, maar moet binnenkort haar werkgever verlaten en gaat solliciteren.

Die geeft haar de gelegenheid om mij te bezoeken, als steuntje in de rug. Haar is meerdere keren verteld dat ze een harde, krachtige uitstraling heeft. Ze kan best hard zijn, soms is dat ook nodig, maar hier is ze toch niet gelukkig mee, zegt ze.

Ik vraag haar welke kleuren ze gewoonlijk draagt op haar werk. Zwart, turquoise, en helder rood. Omdat ze ook nu zwart draagt ervaar ik meteen welke invloed dat op haar uitstraling heeft. We gaan samen voor de spiegel zitten en ik bekijk haar eens goed. In tegenstelling tot haar kleding heeft ze van zichzelf heel veel kleur. Haar huid is een mengeling van warmer bruin en koeler rood. Ze heeft veel rood in haar gezicht.

Haar haar valt er als een bos honingkleurige leeuwenmanen omheen. Later zal ze ook zeggen dat de leeuw haar lievelingsdier is. Doordat ze een warmer bruin pigment heeft in haar huid en veel sproeten, staat de haarkleur prima. Maar van zichzelf is ze donkerder, en koeler van haar. Dat is in haar donkere wenkbrauwen goed te zien. Als we een kleurenpalet voor haar samenstellen, blijkt dat haar ogen groen-grijzig zijn, koel en vrij mat van kleur.

Groengrijs oog

We komen tot een palet met gemengde warmere maar voornamelijk koelere tinten. Ze is op haar mooist als ze zowel heldere tinten als fel rood en turquoise als zwart en helder wit links laat liggen. Deze kleuren zijn te eenduidig, te ‘plat’ en de helder voor haar. Dit hoeft voor iemand anders overigens niet op te gaan! Ook traditionele ‘herfstkleuren’ als mosgroen en warm bruin doen haar geen goed; ze maken haar uitstraling modderig en zwaar. Ze is weliswaar stevig en groot, maar niet uitgesproken aards. Dat zag ik al toen ze binnen kwam; ze loopt opmerkelijk licht, ondanks haar forse verschijning.

Honing-, amberkleurig geel als accent staat haar echter prachtig, omdat het overeenkomt met haar sproeten en de kleur van haar haar. Ik laat haar het effect zien van sieraden met amber en honingkleurige schoenen. Er ontstaat een bijzondere harmonie, omdat die opvallende kleur zowel aan de boven- als aan de onderkant van haar verschijning voorkomt. Als ze de rest koeler en matter houdt, dan creëert ze zo een heel unieke, bijzondere stijl.

Daarnaast heeft haar huid en haar veel beweging. Haar sproeten maken haar huid onregelmatig, haar grove krullen geven haar haar beweging. Maar de stof van haar t-shirt is gelijkmatig geweven. Ze ziet er veel mooier uit als ze zoekt naar ongelijkmatig geweven stoffen, en stoffen met kleine kleurnuances van dezelfde kleur. Die benadrukken de levendigheid in haar natuurlijke lichaamssignatuur. Gaandeweg maakt haar nieuwsgierigheid plaats voor verbazing, plezier en herkenning.

We bekijken samen de afdrukken van natuur en kunst die ze op mijn verzoek meenam en waar ze erg van houdt. De kleurstrips die we voor haar uitzochten harmoniëren er perfect bij. Eén schilderij springt eruit. Het heeft in de kern precies de ‘harde’ kleuren die ze draagt, maar eromheen de zachtere, subtielere kleurmengingen die ze nodig heeft.

{ 1 comment… read it below or add one }

Renske van Trotsenburg 23 augustus, 2010 om 22:24

Dag Claudia,
Ik lees je e-zin iedere maand. Ik haal er regelmatig leuke tips voor mezelf en mijn vriend uit. Je stukjes zijn ook vlot en goed geschreven. Als journalist valt me dit op. Dus complimenten! Groet, Renske

Leave a Comment

Previous post:

Next post: